Katatonie

Katatonie bij een andere psychische stoornis
Catatonia associated with another mental disorder (catatonia specifier)

F06.1 – Classificatiecriteria

A. In het klinische beeld staan drie (of meer) van de volgende symptomen op de voorgrond:

  1. Stupor (geen psychomotorische activiteit; geen actieve interactie met de omgeving).
  2. Katalepsie (het passief laten innemen van een houding die tegen de zwaartekracht in wordt volgehouden).
  3. Wasachtige buigzaamheid (lichte, gelijkblijvende weerstand tegen het in een andere houding plaatsen door de onderzoeker (flexibilitas cerea)).
  4. Mutisme (nauwelijks of geen verbale respons (uitsluiten indien afasie is vastgesteld)).
  5. Negativisme (verzet tegen of geen reactie op instructies of externe stimuli).
  6. Poseren (spontaan en actief vasthouden van een houding tegen de zwaartekracht in).
  7. Motorische maniërismen (vreemde, overdreven karikaturen van normale handelingen).
  8. Motorische stereotypieën (repeterende, abnormaal frequente, niet-doelgerichte bewegingen).
  9. Agitatie, niet onder invloed van externe stimuli.
  10. Grimasseren.
  11. Echolalie (anderen ‘napraten’).
  12. Echopraxie (bewegingen van anderen ‘nadoen’).